Uitspraak
201003902/1/R4) betekent het feit dat in een bepaalde situatie sprake zou zijn van bestaand gebruik dat in het vorige plan onder het overgangsrecht viel niet dat aanspraak bestaat op een positieve bestemming van dat bestaande gebruik. Gelet hierop bestaat geen grond voor het oordeel dat de raad gehouden was de woning als zodanig te bestemmen. Een bestemming als zodanig is slechts mogelijk, indien daartegen vanuit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening geen bezwaren bestaan.
201008180/1/H1, in rechte onaantastbaar geworden. Desondanks is naar aanleiding van de zienswijze van [derdebelanghebbende], die het pand sinds jaren met zijn gezin bewoont, de aanduiding "wonen" aan het bouwvlak op het perceel toegekend en is het bouwvlak bij de vaststelling van het plan vergroot. Uit de stukken noch uit het verhandelde ter zitting is gebleken dat enig onderzoek is verricht naar de milieugevolgen van het mengvoederbedrijf voor het woon- en leefklimaat ter plaatse van het pand zodat geenszins is onderbouwd dat - in weerwil van het grote verschil tussen de afstand van het pand tot het bedrijf van [appellante sub 1] en de in de brochure vermelde richtafstanden en in weerwil van het tot voor kort door het gemeentebestuur ter zake ingenomen standpunt - ter plaatse een aanvaardbaar woon- en leefklimaat kan worden gegarandeerd. Van de door [derdebelanghebbende] overgelegde onderzoeken was de raad ten tijde van de vaststelling van het besluit niet op de hoogte en deze zijn derhalve niet aan het plan ten grondslag gelegd.