Uitspraak
201109289/2/R2. Ter zitting hebben [appellanten] het oordeel van de voorzitter ten aanzien van de ontvankelijkheid aanvaard.
Raad van State
De raad van de gemeente Neerijnen stelde op 14 april 2011 het bestemmingsplan 'Molenblok Varik' vast voor de bouw van 55 woningen in Varik. Diverse appellanten stelden beroep in tegen dit besluit, onder meer vanwege verkeersveiligheid, het monumentale karakter van de omgeving, natuurwaarden en de maatschappelijke uitvoerbaarheid.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het beroep van een aantal appellanten niet-ontvankelijk was. De inhoudelijke beoordeling richtte zich op de verkeersveiligheid, de inpassing in het dorpsgezicht, de natuurtoets, het provinciale beleid en de economische uitvoerbaarheid. De Afdeling vond dat de raad voldoende had gemotiveerd dat de verkeersintensiteit en ontsluiting veilig waren, dat het plan het monumentale karakter niet onaanvaardbaar aantastte en dat de natuurtoets actueel en toereikend was.
Echter, de Afdeling stelde vast dat het plan onvoldoende rekening hield met de lokale woningbehoefte en de flexibiliteit daarin. De planregels voorzagen niet in een fasering of aanpassing van woningtypen die aansluiten bij de veranderende vraag. Hierdoor was het besluit in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel (art. 3:2 Awb Pro) genomen. Daarom werd het bestemmingsplan vernietigd.
De raad werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de ontvankelijke appellanten. Het oordeel bevestigt het belang van een zorgvuldige onderbouwing van woningbehoefte en planflexibiliteit bij ruimtelijke plannen.
Uitkomst: Het bestemmingsplan Molenblok Varik wordt vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel.