ECLI:NL:RVS:2012:BW6879
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.A. Hagen
- J.C. Kranenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ongegrondverklaring beroep tegen toekenning planschadevergoeding voor bouwvrijstelling
Het college van burgemeester en wethouders van Hellendoorn kende een vergoeding voor planschade toe aan de belanghebbende wegens bouwvrijstelling op een naastgelegen perceel. De appellant, eigenaar van dat perceel, maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze vergoeding. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft onderzocht of de bouwvrijstelling en de daarop gebaseerde bouw daadwerkelijk een planologisch nadeel voor de belanghebbende opleverde. De Afdeling bevestigde dat de planschadevergoeding terecht is toegekend op basis van een deskundigenadvies, waarbij het planologisch regime voor en na de wijziging werd vergeleken. Tevens werd geoordeeld dat de bouw op het perceel voor de belanghebbende niet voorzienbaar was ten tijde van zijn aankoop, mede gelet op de toelichting bij een eerdere bestemmingsplanherziening.
De bezwaren van appellant tegen de deskundigenrapportage en de interpretatie van het bestemmingsplan werden verworpen. De Afdeling concludeerde dat de bouw op het perceel planologisch nadeel veroorzaakt en dat de vergoeding van €16.000 inclusief rente terecht is. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de toekenning van de planschadevergoeding bevestigd.