ECLI:NL:RVS:2012:BW9518
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- A. Hammerstein
- G. Snijders
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing schadevergoeding wegens geweigerde jachtakte
De zaak betreft het hoger beroep van appellant tegen de afwijzing door de staatssecretaris van een verzoek om schadevergoeding naar aanleiding van de ten onrechte geweigerde jachtakte voor het seizoen 2006/2007.
De rechtbank had het beroep van appellant ongegrond verklaard omdat hij onvoldoende bewijs had geleverd van de door hem gestelde schade, zoals reparatiekosten van wapens, huur van jachtvelden en kosten voor de verzorging van zijn jachthond. De Raad van State overweegt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat zonder concrete en verifieerbare bewijsstukken geen vergoeding kan worden toegekend.
Appellant stelde dat de huurkosten van jachtvelden en de verzorgingskosten van zijn jachthond wel vergoed moesten worden, maar dit werd verworpen omdat hij niet aannemelijk had gemaakt dat hij daadwerkelijk huur had betaald en de kosten van de hond ook zonder geweigerde jachtakte zou hebben gemaakt.
De Raad van State bevestigt daarom het oordeel van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de schadevergoeding bevestigd.