Uitspraak
201002910/1/H1), is op de aanvraag om bouwvergunning het recht van toepassing zoals dat gold ten tijde van het indienen van de aanvraag. Dat het bouwplan op een ondergeschikt punt is gewijzigd maakt niet dat het tijdstip waarop deze wijziging is ingediend, 12 augustus 2009, bepalend is voor het toepasselijke recht. Een zodanige wijziging kan niet op één lijn worden gesteld met een geheel nieuwe aanvraag.
200708975/1) is in het stelsel van de Woningwet geen plaats voor een beslissing omtrent de bouwvergunning anders dan op grond van een daartoe strekkende aanvraag. Dat in afwijking van die aanvraag wordt gebouwd, doet daar niet aan af en kan in het kader van deze procedure niet aan de orde komen, nu dit een kwestie van handhaving betreft. Nu de werkzaamheden aan de fundering niet zijn vergund en in de aanvraag geen werkzaamheden zijn voorzien aan de fundering die de grond roeren, heeft het dagelijks bestuur terecht geen aanleiding gezien voor het oordeel dat het niet kon beslissen op de aanvraag vanwege het ontbreken van een verkennend bodemonderzoek als bedoeld in het Biab.
200804977/1) mag het college, hoewel het niet aan een welstandsadvies is gebonden en de verantwoordelijkheid voor welstandstoetsing bij hem berust, aan het advies in beginsel doorslaggevende betekenis toekennen. Tenzij het advies naar inhoud of wijze van totstandkoming zodanige gebreken vertoont dat het college dit niet - of niet zonder meer - aan zijn oordeel omtrent de welstand ten grondslag heeft mogen leggen, behoeft het overnemen van een welstandsadvies in beginsel geen nadere toelichting. Dit is anders indien de aanvrager of een derde-belanghebbende een advies overlegt van een andere deskundig te achten persoon of instantie dan wel gemotiveerd aanvoert dat het welstandsadvies in strijd is met de volgens de welstandsnota geldende criteria. Ook laatstgenoemde omstandigheid kan aanleiding geven tot het oordeel dat het besluit van het college in strijd is met artikel 44, eerste lid, aanhef en onder d, van de Woningwet of niet berust op een deugdelijke motivering. Dit neemt echter niet weg dat een welstandsnota criteria kan bevatten die zich naar hun aard beter lenen voor beoordeling door een deskundige dan voor beoordeling door een aanvrager of derde-belanghebbende.
200803001/1) dienen, ingeval een besluit wordt vernietigd, de mogelijkheden van finale beslechting van het geschil te worden onderzocht, waarbij onder meer aan de orde is of er aanleiding is om met toepassing van artikel 8:72, derde lid, van de Awb de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten. Zoals de Afdeling eveneens eerder heeft overwogen (uitspraak van 26 maart 2008 in zaak nr.
200705490/1), is voor het in stand laten van de rechtsgevolgen niet vereist dat nog slechts één beslissing mogelijk is. In een geval als het onderhavige, waarin een besluit is vernietigd omdat het onzorgvuldig is voorbereid en onvoldoende is gemotiveerd, kan er uit een oogpunt van proceseconomie aanleiding zijn om de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten indien het bestuursorgaan vasthoudt aan zijn besluit en alsnog onderzoek verricht en het besluit voldoende motiveert en de andere partijen zich daarover in voldoende mate hebben kunnen uitlaten. Daarbij is beslissend of de inhoud van het vernietigde besluit na het alsnog verrichte onderzoek en de kenbaar gemaakte motivering de rechterlijke toets kan doorstaan.