Uitspraak
201004747/1/T1/R4, heeft de Afdeling de raad opgedragen om binnen 12 weken na de verzending van de tussenuitspraak het daarin beschreven gebrek in het besluit van 18 februari 2010 te herstellen. Deze tussenuitspraak is aangehecht.
200908901/1/T1/R1) volgt uit de nota van toelichting bij het Bro dat indien het duidelijk gaat om een herziening van geringe omvang dan wel van in planologisch opzicht ondergeschikt belang, geen overleg zal hoeven plaats te vinden. De raad heeft zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat die situatie hier aan de orde is. Daarbij neemt de Afdeling in aanmerking dat het nadere besluit van 26 april 2012 ten opzichte van het eerdere vaststellingsbesluit van 18 februari 2010 slechts een wijziging van geringe omvang betreft, waarbij de betrokken waarden van het plandeel een verderstrekkende bescherming krijgen dan in het bij het besluit van 18 februari 2010 vastgestelde plan.