ECLI:NL:RVS:2012:BX7137
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- C.J. Borman
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boeteoplegging wegens overtreding Wet arbeid vreemdelingen
De minister legde appellant een boete van €8.000,- op wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), omdat twee vreemdelingen zonder vergunning kapperswerkzaamheden verrichtten in de kapsalon die appellant feitelijk dreef.
Appellant voerde aan dat hij niet de formele eigenaar was en dat de inspecteurs vooringenomen waren, maar de Raad van State oordeelde dat feitelijk werkgeverschap bepalend is en dat appellant de vreemdelingen feitelijk arbeid liet verrichten. Ook het tijdsverloop tussen constatering en boeterapport gaf geen grond tot vermindering.
De rechtbank had het beroep van appellant gegrond verklaard maar de rechtsgevolgen van het boetebesluit in stand gelaten. Het hoger beroep van appellant werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de boete van €8.000,- wegens overtreding van de Wet arbeid vreemdelingen.