ECLI:NL:RVS:2012:BY3397
Raad van State
- Hoger beroep
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens toepassing Overeenkomst overdracht vluchtelingen
De minister voor Immigratie, Integratie en Asiel heeft bij besluiten van 21 februari 2012 aanvragen van vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel afgewezen. De voorzieningenrechter verklaarde de beroepen van de vreemdelingen gegrond en vernietigde deze besluiten.
De minister stelde hoger beroep in en voerde aan dat de Poolse autoriteiten hadden bevestigd dat de vreemdelingen als vluchteling waren erkend en dat zij op grond van artikel 4 van Pro de Overeenkomst tot Polen zouden worden toegelaten. De minister stelde dat hierdoor geen nader onderzoek naar de geldigheidsduur van de reisdocumenten nodig was.
De Raad van State overwoog dat de Poolse autoriteiten als eerste en beste bron van informatie over de reisdocumenten moeten worden beschouwd en dat hun bevestiging dat de vreemdelingen zullen worden toegelaten op grond van artikel 4 van Pro de Overeenkomst de minister vrijstelde van een nadere onderzoeksplicht. De Raad verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaarde de beroepen van de vreemdelingen ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep van de minister wordt gegrond verklaard en de beroepen van de vreemdelingen worden ongegrond verklaard.