ECLI:NL:RVS:2012:BY5902
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.B.M. Hent
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging boetebesluit wegens toepassing uitzondering schepelingendienst
De minister legde een boete van € 24.000,- op aan een onderneming wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), omdat vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning arbeid zouden hebben verricht aan boord van een zeeschip.
De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond, vernietigde het boetebesluit en oordeelde dat de werkzaamheden van de vreemdelingen als schepelingendienst vielen, waardoor de overtreding niet van toepassing was. De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State overwoog dat de minister ten onrechte had geoordeeld dat de werkzaamheden niet als schepelingendienst konden worden aangemerkt, mede omdat het schip weliswaar gerestaureerd werd en niet vaargereed was, maar de werkzaamheden toch binnen het normale dagelijkse patroon van zorg voor het schip vielen.
De Raad bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de wederpartij.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de vernietiging van het boetebesluit en verklaart het hoger beroep van de minister ongegrond.