ECLI:NL:RVS:2013:1043
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bestemmingsplan Dubbeldam inzake perceelsplitsing
De raad van de gemeente Dordrecht stelde op 23 april 2013 het bestemmingsplan "Dubbeldam" vast. Hiertegen stelde verzoeker beroep in en verzocht tegelijkertijd om een voorlopige voorziening. De voorzitter behandelde het verzoek op 20 augustus 2013 en oordeelde dat het verzoek een voorlopig karakter heeft en niet bindend is voor de bodemprocedure.
Verzoeker stelde dat hij ten onrechte niet is gehoord naar aanleiding van zijn zienswijze en dat het nieuwe bestemmingsplan niet de mogelijkheid biedt om zijn perceel aan de Zuidendijk 316 te splitsen en een tweede woning te realiseren, zoals het vigerende plan "De Hoven" dat wel toestaat. De raad stelde dat het perceel deel uitmaakt van een dijkzone die het open karakter van het landschap moet behouden en dat in 2008 al medewerking aan splitsing was geweigerd.
De voorzitter overwoog dat de uniforme openbare voorbereidingsprocedure geen recht op mondelinge toelichting op zienswijzen geeft en dat er geen strijd met de Awb is. Verder was er geen spoedeisend belang bij het verzoek om voorlopige voorziening, omdat verzoeker geen concrete plannen met ruimtelijke onderbouwing had overgelegd. De wijzigingsbevoegdheid uit het vigerende plan geldt niet voor het perceel van verzoeker, zodat het verzoek te verstrekkend was.
Gezien het voorgaande wees de voorzitter het verzoek om voorlopige voorziening af en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan Dubbeldam wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang en onvoldoende gronden.