ECLI:NL:RVS:2013:1109
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor grootschalige detailhandel in afwijking bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Culemborg weigerde bij besluit van 26 januari 2012 een omgevingsvergunning aan appellant te verlenen voor het gebruik van een perceel te Culemborg voor grootschalige detailhandel in afwijking van het bestemmingsplan. Appellant stelde dat de vergunning van rechtswege was verleend omdat het college niet tijdig had beslist op zijn aanvraag van 3 november 2010, en dat het college daarom dwangsommen had verbeurd.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van appellant ongegrond en deze uitspraak werd aangevochten in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tijdens de zitting van 6 augustus 2013 werd het geschil behandeld.
De Afdeling overwoog dat de aanvraag niet uitsluitend betrekking had op bestaande bouwwerken met een oppervlakte van minder dan 1.500 m2, zoals vereist voor een vergunning van rechtswege op grond van artikel 4, aanhef en onder 9, van bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht. De aanvraag betrof ook gronden rondom de bouwwerken, waardoor de vergunning van rechtswege niet van toepassing was. Het college was derhalve bevoegd de vergunning te weigeren.
Omdat geen vergunning van rechtswege was verleend, had het college geen dwangsommen verbeurd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.