ECLI:NL:RVS:2013:1173
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening voorschotten kinderopvangtoeslag wegens ontbreken geldige overeenkomsten
De Belastingdienst heeft bij besluiten van 15 juli 2011 de aan appellante toegekende voorschotten kinderopvangtoeslag over de jaren 2008 tot en met 2011 herzien en op nihil gesteld. Appellante stelde dat de opvang van haar kinderen steeds op basis van geldige schriftelijke overeenkomsten met gastouderbureaus heeft plaatsgevonden, maar kon niet voor alle jaren de vereiste bewijsstukken overleggen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep heeft de Raad van State overwogen dat de stukken die appellante ter zitting overlegde te laat waren ingediend en daarom buiten beschouwing konden blijven. Wel werden de stukken die in hoger beroep tijdig werden overgelegd betrokken bij de beoordeling.
De Raad van State oordeelde dat de door appellante overgelegde overeenkomsten niet voldeden aan de wettelijke eisen, omdat zij onder meer het aantal opvanguren en de duur van de overeenkomst niet vermeldden. Voor de jaren waarin geen overeenkomst kon worden overgelegd, mocht de Belastingdienst het standpunt innemen dat geen aanspraak op toeslag bestond. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.