ECLI:NL:RVS:2013:1226
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- N.S.J. Koeman
- G. Snijders
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing tegemoetkoming planschade door gemeente Ridderkerk
Het college van burgemeester en wethouders van Ridderkerk wees op 15 maart 2011 de aanvraag van appellanten om een tegemoetkoming in planschade af. Appellanten maakten bezwaar en stelden beroep in bij de rechtbank Rotterdam, die het beroep ongegrond verklaarde. In hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State werd het college opgedragen het besluit te herstellen vanwege strijd met artikel 3:46 van Pro de Awb.
Het college vroeg een nieuw advies aan de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ), die concludeerde dat appellanten door een eerder besluit in een licht nadeliger positie waren gekomen, maar dat de schade voor hun rekening kwam omdat de planologische verandering voorzienbaar was. Op 16 juli 2013 wees het college opnieuw het verzoek af. Appellanten maakten geen gebruik van de mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van 15 maart 2011, maar verklaarde het beroep tegen het nieuwe besluit van 16 juli 2013 ongegrond. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van 15 maart 2011 wordt vernietigd, het beroep tegen het besluit van 16 juli 2013 wordt ongegrond verklaard.