ECLI:NL:RVS:2013:1352
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- R.W.L. Loeb
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing herziening kinderopvangtoeslag 2009 door Belastingdienst
De Belastingdienst/Toeslagen stelde in 2011 de kinderopvangtoeslag over 2009 definitief vast op €5.036,00 en vorderde het te veel betaalde terug. Na bezwaar stelde de dienst de toeslag in 2012 bij besluit lager vast op €2.633,00 en vorderde het verschil terug. De rechtbank verklaarde dit besluit ongegrond en bepaalde dat de Belastingdienst een nieuw besluit moest nemen.
De kern van het geschil betrof de vraag of de belanghebbende daadwerkelijk kosten had gemaakt voor kinderopvang via een geregistreerd gastouderbureau, nu bleek dat een deel van de betalingen door de gastouder als schenking werd terugbetaald. De rechtbank oordeelde dat deze schenking niet betekent dat er geen kosten zijn gemaakt en dat dit niet tegen de bedoeling van de wetgever ingaat.
De Belastingdienst voerde in hoger beroep aan dat de term 'te betalen kosten' daadwerkelijk gemaakte kosten betreft en dat de belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat hij kosten had gemaakt, omdat de gastouder betalingen terugstortte. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde echter vast dat de Belastingdienst niet had bewezen dat de belanghebbende wist of behoorde te weten dat de toeslag te hoog was toegekend, wat vereist is voor herziening.
Daarom werd het besluit van 25 maart 2011 ten onrechte herzien en bleef het oorspronkelijke besluit van kracht. Het hoger beroep van de Belastingdienst werd ongegrond verklaard en de rechtbankuitspraak bevestigd. Tevens werd de Belastingdienst veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Belastingdienst wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.