ECLI:NL:RVS:2013:1599
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- C.J. Borman
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep inzake handhaving Mediawet tegen regionale radiostations
Appellant verzocht het Commissariaat voor de Media om handhavend op te treden tegen regionale radiostations die programma’s uitzenden die door meer dan 30 procent van de Nederlandse bevolking kunnen worden ontvangen. Dit verzoek werd deels afgewezen. Na bezwaar en beroep vernietigde de rechtbank het besluit van het Commissariaat, maar verklaarde het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk. Appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat vergunningen voor de restfrequenties, verleend onder de Telecommunicatiewet, waren verlengd tot 2017 en dat appellant geen aanvraag had ingediend voor verlenging na 2011, in tegenstelling tot andere partijen. Omdat appellant geen bezwaar of beroep had ingesteld tegen de verlengingsbesluiten, waren deze besluiten in rechte onaantastbaar geworden. Hierdoor had appellant geen belang meer bij de beoordeling van het hoger beroep.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Vlasblom en leden Borman en Hammerstein op 23 oktober 2013.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.