ECLI:NL:RVS:2013:1614
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.B.M. Hent
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing asielaanvraag wegens strijd met EU-verordening gezinshereniging
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister op 2 april 2012 werd afgewezen. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de voorzieningenrechter ten onrechte had geoordeeld dat de asielaanvraag niet onverplicht in behandeling hoefde te worden genomen omdat de echtgenoot van de vreemdeling een reguliere verblijfsvergunning bezit.
De Afdeling stelde vast dat artikel 15 van Pro Verordening (EG) 343/2003 ook gezinsleden van ex-asielzoekers beschermt en dat de vreemdeling terecht had aangevoerd dat de vreemdelingencirculaire 2000 in strijd is met deze verordening. De staatssecretaris had het besluit onvoldoende gemotiveerd en het standpunt dat geen onverplichte behandeling nodig was kon de toets niet doorstaan.
Hoewel het besluit werd vernietigd, bepaalde de Afdeling dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand blijven omdat de vreemdeling geen bewijsstukken over het huwelijk had overgelegd en tegenstrijdige verklaringen waren afgelegd over de huwelijksgegevens en kinderen. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van € 1.416,00.
Uitkomst: Het besluit van 2 april 2012 tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.