ECLI:NL:RVS:2013:1757
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing weigering tewerkstellingsvergunningen voor medewerker boomkwekerij
De Raad van Bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen wees aanvragen van een werkgever om twee tewerkstellingsvergunningen af. De werkgever exploiteert een boomkwekerij en had de vergunningen aangevraagd voor medewerkers boomkwekerij voor de duur van 56 weken. De rechtbank verklaarde het beroep van de werkgever gegrond en vernietigde het besluit, waarna de Raad van Bestuur hoger beroep instelde.
De kern van het geschil betrof de vraag of de functie medewerker boomkwekerij ongeschoolde dan wel licht geoefende arbeid is en of de werkgever voldoende inspanningen had verricht om de arbeidsplaatsen via prioriteitgenietend aanbod op de arbeidsmarkt te vervullen. De rechtbank oordeelde dat de functie specifieke kennis en ervaring vereist die slechts door langdurige ervaring kan worden verworven, en dat de Raad van Bestuur onvoldoende had gemotiveerd dat het om ongeschoolde arbeid ging.
Verder oordeelde de rechtbank dat de gestelde eisen door de werkgever aan werkzoekenden niet onredelijk waren en dat de werkgever geen belemmeringen had opgeworpen via de advertentie die de vervulling van de arbeidsplaatsen onnodig bemoeilijkten. De Raad van State bevestigde deze beoordeling en verklaarde het hoger beroep van de Raad van Bestuur ongegrond.
De Raad van State veroordeelde de Raad van Bestuur tot vergoeding van proceskosten en legde griffierechten op. De uitspraak benadrukt het belang van een deugdelijke motivering door bestuursorganen bij weigering van tewerkstellingsvergunningen en de toetsing van de aard van de functie en wervingsinspanningen.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Raad van Bestuur wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.