ECLI:NL:RVS:2013:1862
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- C.J. Borman
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verzoek om uitzetting achterwege te laten op grond van medische omstandigheden
De minister voor Immigratie, Integratie en Asiel wees op 5 juni 2012 het verzoek van de vreemdeling af om uitzetting achterwege te laten op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingwet 2000. Na een bezwaarprocedure handhaafde de minister dit besluit op 6 september 2012. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit gegrond en vernietigde het bestuursbesluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het besluit onvoldoende was gemotiveerd, met name dat het Bureau Medische Advisering (BMA) zich niet had uitgesproken over de effectiviteit van de medische behandeling in Sierra Leone. De brief van de behandelaars van de vreemdeling bevatte geen concrete toelichting die een nadere reactie van het BMA vereiste.
Verder faalden de argumenten van de vreemdeling dat de behandeling in Sierra Leone niet mogelijk zou zijn vanwege het ontbreken van een veilige behandelomgeving en dat op grond van een ander BMA-advies het gelijkheidsbeginsel zou moeten gelden. De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank wordt vernietigd.