ECLI:NL:RVS:2013:1914
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en matiging bestuurlijke boete voor overtreding Wet arbeid vreemdelingen
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde op 5 maart 2012 een boete van €4.000,- op aan een Grieks restaurant wegens het laten verrichten van arbeid door een vreemdeling zonder tewerkstellingsvergunning, in strijd met artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
De rechtbank Amsterdam mat de boete tot €2.000,- en verklaarde het beroep van het restaurant gegrond. De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld en overwogen dat de minister discretionaire bevoegdheid heeft bij het opleggen van boetes, waarbij de hoogte moet aansluiten bij de ernst van de overtreding en de mate van verwijtbaarheid.
Hoewel het restaurant navraag deed bij de IND en haar boekhouder over de arbeidsmarktaantekening op het verblijfsdocument van de vreemdeling, had zij het UWV WERKbedrijf moeten raadplegen. De rechtbank had ten onrechte de boete met 75% gematigd wegens financiële omstandigheden zonder onderbouwing. De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond, waarmee de boete van €4.000,- in stand blijft.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van het restaurant ongegrond, waardoor de boete van €4.000,- in stand blijft.