ECLI:NL:RVS:2013:217
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade na bouw gebouwencomplex nabij woning
Appellant, eigenaar van een woning te Echt, verzocht het college om een tegemoetkoming in planschade vanwege het verlies aan uitzicht, privacy en toename van hinder door de bouw van een gebouwencomplex op een nabijgelegen perceel. Het college wees dit verzoek af, gesteund op een advies van de Johan van Oldenbarnevelt Stichting die concludeerde dat er geen planologische verslechtering was.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en stelde dat onder het oude planologische regime een vergelijkbare bouwhoogte mogelijk was. Appellant voerde hoger beroep aan tegen deze uitspraak en stelde onder meer dat de rechtbank ten onrechte de aanvullende werking van de bouwverordening en welstandsnota had genegeerd.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank voldoende had gemotiveerd waarom de beroepsgronden faalden en dat het advies van de stichting zorgvuldig was opgesteld en terecht aan het besluit ten grondslag lag. De Afdeling bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade bevestigd.