ECLI:NL:RVS:2013:232
Raad van State
- Hoger beroep
- F.C.M.A. Michiels
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke handhaving tegen gebruik appartementen als woonzorgvoorziening
Het geschil betreft het gebruik van een appartementencomplex in Hengelo door Stichting Aveleijn voor de huisvesting van personen met een verstandelijke beperking. Het college van burgemeester en wethouders weigerde aanvankelijk handhavend op te treden, maar trok dit besluit later in en legde een last onder dwangsom op om het gebruik te staken.
Stichting Aveleijn stelde dat het gebruik van de appartementen viel onder woonzorgwoningen die volgens de plantoelichting zijn toegestaan en dat sprake was van nagenoeg zelfstandige bewoning. De rechtbank oordeelde echter dat de feitelijke situatie niet voldeed aan de vereisten van zelfstandige bewoning, mede vanwege de 24-uurs professionele begeleiding.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dit oordeel en overweegt dat de plantoelichting geen juridisch bindende betekenis heeft. Ook is het college bevoegd om handhavend op te treden bij overtreding van het bestemmingsplan, tenzij bijzondere omstandigheden zich voordoen, wat hier niet het geval was.
Daarnaast oordeelt de Afdeling dat de begunstigingstermijn van zes weken redelijk is, ondanks bezwaren van Stichting Aveleijn en belanghebbenden. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van Stichting Aveleijn wordt ongegrond verklaard en de handhaving tegen het gebruik van de appartementen bevestigd.