ECLI:NL:RVS:2013:2510

Raad van State

Datum uitspraak
11 december 2013
Publicatiedatum
18 december 2013
Zaaknummer
201306563/2/R6
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bestemmingsplan Herenland fase 5

Bij besluit van 30 mei 2013 stelde de raad van de gemeente Neder-Betuwe het bestemmingsplan 'Herenland fase 5' vast. Tegen dit besluit hebben verzoeker en anderen beroep ingesteld. Zij verzochten de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzitter behandelde het verzoek op 28 oktober 2013, waarbij partijen verschenen en hun standpunten toelichtten. Tijdens de zitting was ook de besloten vennootschap Bogor Projectontwikkeling B.V. vertegenwoordigd.

De voorzitter oordeelde dat het verzoek een voorlopig karakter heeft en niet bindend is voor de bodemprocedure. Aangezien de Afdeling op dezelfde dag in de bodemprocedure al een beslissing had genomen, was er geen sprake meer van een geding waarvoor een voorlopige voorziening nodig was. Daarom wees de voorzitter het verzoek af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestemmingsplan werd afgewezen wegens reeds genomen bodemuitspraak.

Uitspraak

201306563/2/R6.
Datum uitspraak: 11 december 2013
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoeker] en anderen, allen wonend te Opheusden, gemeente Neder-Betuwe,
en
de raad van de gemeente Neder-Betuwe,
verweerder.
Procesverloop
Bij besluit van 30 mei 2013 heeft de raad het bestemmingsplan "Herenland fase 5" vastgesteld.
Tegen dit besluit hebben [verzoeker] en anderen beroep ingesteld.
[verzoeker] en anderen hebben de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 28 oktober 2013, waar [verzoeker] en anderen, van wie [verzoeker], bijgestaan door mr. A. Diepeveen, en de raad vertegenwoordigd door P. Hospers en R.O.A. Jakobs, zijn verschenen.
Voorts is ter zitting de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Bogor Projectontwikkeling B.V., vertegenwoordigd door J.P. Bouter, verschenen.
Overwegingen
1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.
2. Bij uitspraak van heden, in zaak met nr. 201306563/1/R6, heeft de Afdeling op het beroep van [verzoeker] en anderen beslist. Derhalve is geen sprake meer van een geding en dient het verzoek te worden afgewezen.
3. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. W.D.M. van Diepenbeek, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. M.G. Alderlieste, ambtenaar van staat.
w.g. Van Diepenbeek w.g. Alderlieste
voorzitter ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 11 december 2013
590.