ECLI:NL:RVS:2013:2585
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over onvoldoende examen Strafprocesrecht en bezwaarprocedure
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de onvoldoende beoordeling van zijn examen Strafprocesrecht van 14 oktober 2011. De examencommissie en het curatorium van de Nederlandse orde van advocaten verklaarden dit bezwaar ongegrond. De rechtbank Rotterdam bevestigde deze besluiten in februari 2013.
Appellant stelde dat hij door de onvoldoende beoordeling schade heeft geleden omdat hij van het tableau werd geschrapt en daardoor niet als advocaat kon werken. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellant een processueel belang heeft bij het hoger beroep, maar dat de bestuursrechter inhoudelijk slechts kan toetsen of aan formele voorschriften is voldaan, niet aan de inhoud van de beoordeling zelf.
Appellant voerde verder aan dat de beperking van toegang tot de rechter in strijd is met het EVRM en dat het examen een punitieve sanctie inhoudt, maar dit werd verworpen. Ook werden bezwaren over vermeende vooringenomenheid en onvoldoende zorgvuldigheid niet gegrond verklaard. De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.