ECLI:NL:RVS:2013:2702
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- G. van der Wiel
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrondverklaring beroep vreemdeling tegen afwijzing verblijfsvergunning
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, die door de staatssecretaris op 6 september 2012 werd afgewezen. De voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag had dit besluit vernietigd en de staatssecretaris opgedragen een nieuw besluit te nemen. Zowel de vreemdeling als de staatssecretaris gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad voor de Rechtspraak overwoog dat het hoger beroep van de vreemdeling geen nieuwe vragen opriep die beantwoording behoefden en verklaarde dit beroep ongegrond. Het hoger beroep van de staatssecretaris was gegrond, omdat de voorzieningenrechter ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris niet alle verklaringen van de vreemdeling bij zijn besluitvorming had betrokken. De staatssecretaris had de geloofwaardigheid van de terugkeer naar Afghanistan en de gevolgen van de verwestersing van de vreemdeling voldoende gemotiveerd beoordeeld.
De Raad vernietigde daarom de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen het besluit van 6 september 2012 alsnog ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter vernietigd.