ECLI:NL:RVS:2013:426
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B.P. Vermeulen
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek ontheffing kreeftenkorvenvisserij met periodebeperking
De zaak betreft het hoger beroep van een appellant tegen het besluit van de staatssecretaris om een ontheffing te verlenen voor het vissen met kreeftenkorven in het kanaal door Zuid-Beveland, met een beperking van de periode van 1 april tot 15 juli. De rechtbank had eerder het beroep van appellant gegrond verklaard tegen de beperking tot 180 kreeftenkorven, maar de periodebeperking gehandhaafd.
Appellant voerde aan dat de periodebeperking onevenredig en niet doelmatig is, omdat kreeften ook buiten deze periode eieren dragen en de beperking het kreeftenbestand niet beschermt. De staatssecretaris baseerde zijn besluit mede op een notitie van het Rijksinstituut voor Visserijonderzoek uit 1987, waarin het kreeftenseizoen wordt toegelicht.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de staatssecretaris de beperking in redelijkheid heeft kunnen verbinden aan de ontheffing. Er is geen recent deskundigenbericht dat het tegendeel bewijst en de notitie van RIVO is gegrond. Tevens is het belang van duurzame visserij en bescherming van het kreeftenbestand meegewogen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.