ECLI:NL:RVS:2013:49
Raad van State
- Hoger beroep
- R. van der Spoel
- D. Roemers
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken wettelijke vertegenwoordiging in intrekking Nederlanderschap
Bij besluit van 29 september 2010 heeft de minister van Justitie het Nederlanderschap ingetrokken dat eerder aan appellant en een ander was verleend. Appellant, stellende wettelijk vertegenwoordiger te zijn van de betrokkene, maakte bezwaar en stelde beroep in tegen de intrekking. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep betoogde de staatssecretaris dat appellant niet de wettelijk vertegenwoordiger is van de betrokkene en daarom niet ontvankelijk is.
De Afdeling bestuursrechtspraak onderzocht dit en constateerde dat appellant niet de wettelijk vertegenwoordiger is omdat het vaderschap nog niet is vastgesteld en de rechtbank Rotterdam had geoordeeld dat het huwelijk waarop de geboorteakte was gebaseerd valselijk was opgemaakt. Hierdoor kon appellant niet als vertegenwoordiger optreden volgens artikel 8:21 Awb Pro.
Omdat niet is gebleken dat een andere wettelijk vertegenwoordiger rechtsgeldig hoger beroep had ingesteld, werd het hoger beroep van appellant niet-ontvankelijk verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 26 juni 2013.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat appellant niet de wettelijk vertegenwoordiger is van de betrokkene.