ECLI:NL:RVS:2013:537
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B.P. Vermeulen
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Minister moet nieuw besluit nemen over openbaarmaking informatie na beklagprocedure
De minister van Veiligheid en Justitie wees een verzoek tot openbaarmaking van informatie af, gebaseerd op artikel 12f, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering (Sv), dat een bijzondere regeling voor stukken uit beklagprocedures bevat. De rechtbank verklaarde dit besluit onjuist en vernietigde het, waarna de minister hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat artikel 12f Sv alleen ziet op de fase van de beklagprocedure zelf. Omdat de beklagprocedure ten tijde van het bestreden besluit was beëindigd, kon de minister dit artikel niet als grondslag gebruiken om het verzoek af te wijzen. Er is geen andere wettelijke regeling die de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) uitsluit.
Daarom heeft de minister het verzoek ten onrechte niet op grond van de Wob behandeld. De Raad van State draagt de minister op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen, waarbij de Wob moet worden toegepast, en dit besluit op de wettelijk voorgeschreven wijze bekend te maken. Over proceskosten en griffierecht zal in de einduitspraak worden beslist.
Uitkomst: De minister moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen met toepassing van de Wob over het verzoek tot openbaarmaking van informatie.