ECLI:NL:RVS:2013:571
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- R.F.J. Bindels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving gemeentelijk monument na bezwaar en beroep
Het college van burgemeester en wethouders van Haren besloot op 15 september 2011 het pand, dat sinds 21 maart 2002 als gemeentelijk monument was aangewezen, te handhaven op de monumentenlijst. De appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college op 4 juni 2012 ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde de rechtbank Groningen op 25 oktober 2012 het beroep van appellant ongegrond.
De appellant stelde in hoger beroep dat zij door de uitspraak van de rechtbank pas begreep dat zij nieuwe feiten of veranderde omstandigheden had moeten aanvoeren om het besluit aan te vechten. Zij had het eerdere beroep ingetrokken op advies van haar toenmalige raadsman en wilde alsnog inhoudelijk tegen de aanwijzing van het pand als gemeentelijk monument opkomen.
De Raad van State oordeelde dat het instellen van beroep tegen een nieuw besluit van gelijke strekking niet leidt tot toetsing alsof het een eerste besluit betreft, tenzij nieuwe feiten of omstandigheden zijn aangevoerd die een relevante wijziging rechtvaardigen. De intrekking van het eerdere beroep en het advies van de raadsman vormen geen nieuwe feiten of omstandigheden. Daarom is het hoger beroep ongegrond en wordt de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.