ECLI:NL:RVS:2013:591
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering handhaving garage in achtererfgebied te Kattendijke
Het college van burgemeester en wethouders van Goes weigerde handhavend op te treden tegen een bestaande garage bij een woning te Kattendijke. Appellant stelde dat de garage niet vergunningvrij was omdat deze niet in het achtererfgebied zou liggen en dat de oppervlakte van vergunningvrije bouwwerken werd overschreden. Daarnaast voerde appellant aan dat de garage in strijd was met de bouwverordening en daarom handhaving geboden was.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de garage wel degelijk in het achtererfgebied is gesitueerd, conform de definitie in het Besluit omgevingsrecht. De oppervlakte van de garage overschrijdt de maximale oppervlakte van vergunningvrije bouwwerken niet, mede omdat een bijkeuken die wel vergund is niet meegeteld hoeft te worden. Verder is vastgesteld dat artikel 2.5.17 van de bouwverordening een voorschrift van stedenbouwkundige aard is en niet van toepassing is op vergunningvrije bouwwerken, zodat het college terecht handhaving weigerde.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Middelburg bevestigd. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het besluit van het college tot weigering van handhaving bevestigd.