ECLI:NL:RVS:2013:616
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging besluit handhaving milieuregels veehouderij met mestvergisting
Het college van burgemeester en wethouders van Coevorden wees op 10 februari 2010 een verzoek tot handhaving van een milieuregulieringsvergunning voor een veehouderij met mestvergistingsinstallatie af. Na bezwaar en beroep handhaafde het college dit besluit op 13 november 2012. Appellanten voerden aan dat het college ten onrechte niet handhavend optrad bij overtredingen van normen voor waterstofsulfide, geluidvoorschriften en het milieulogboek.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college terecht het rapport van november 2009 als basis nam en dat het incident in januari 2012 geen overtreding van waterstofsulfidevoorschriften aannemelijk maakte. Ook was het college niet verplicht een geluidmeting uit te voeren gezien de omstandigheden. Wel stelde de Afdeling vast dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het geen last onder dwangsom oplegde voor overtreding van het milieulogboekvoorschrift B2, terwijl daartoe bevoegdheid bestond.
Verder werd het betoog dat de vergunning voor het houden van vee was vervallen verworpen omdat aannemelijk was dat er binnen drie jaar na onherroepelijkheid vee werd gehouden. De Afdeling verklaarde het beroep gedeeltelijk gegrond, vernietigde het besluit voor zover het handhaving van voorschrift B2 betreft, en gelast het college een nieuw besluit op bezwaar te nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het college wordt gedeeltelijk vernietigd wegens onvoldoende motivering omtrent het niet opleggen van een last onder dwangsom en het college moet een nieuw besluit nemen.