ECLI:NL:RVS:2013:711
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- A.W.M. Bijloos
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrondverklaring beroep vreemdelingen asiel
De minister voor Immigratie en Asiel wees op 13 oktober 2011 de aanvragen van twee vreemdelingen om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van de vreemdelingen gegrond en vernietigde de besluiten, waarna de minister in hoger beroep ging.
De Raad van State beoordeelde de grieven van de minister, die stelde dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat de verklaringen van de vreemdelingen niet in strijd waren met die van de echtgenoot van vreemdeling 1 en dat de rechtbank onvoldoende rekening hield met de onjuiste vertaling van verklaringen. De Raad concludeerde dat de staatssecretaris zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat de verklaringen onderling tegenstrijdig waren en de vereiste positieve overtuigingskracht misten.
Daarmee werd het hoger beroep gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdelingen alsnog ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdelingen wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.