ECLI:NL:RVS:2013:911
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking tegemoetkoming oogstschade wegens niet-verzekering
Bij besluit van 21 april 2011 trok de staatssecretaris een eerder toegekende tegemoetkoming voor oogstschade in en vorderde het bedrag van €28.085,94 plus rente terug. De intrekking was gebaseerd op het feit dat appellant niet gedurende vijf aaneengesloten jaren verzekerd was tegen schade aan gewassen door zware regenval, zoals vereist in de Tegemoetkomingsregeling oogstschade 2002.
Appellant voerde aan dat zij door overmacht niet aan deze verzekeringsplicht kon voldoen, omdat de verzekering voor zacht fruit in 2009 werd beëindigd en er geen alternatieven waren. De staatssecretaris stelde echter dat appellant ten minste voor haar tarwegewassen een verzekering had moeten afsluiten, hetgeen ook mogelijk was volgens een e-mail van een verzekeraar.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris bevoegd was de tegemoetkoming in te trekken omdat niet aan de verzekeringsplicht was voldaan. Daarnaast faalden de bezwaren van appellant dat de terugvordering in strijd was met algemene beginselen van behoorlijk bestuur, zoals het zorgvuldigheids-, vertrouwens- en evenredigheidsbeginsel. De Afdeling bevestigde daarom het vonnis van de rechtbank Breda en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De intrekking van de tegemoetkoming voor oogstschade wordt bevestigd wegens het niet voldoen aan de verzekeringsplicht.