Uitspraak
201102498/1/T1/A4heeft de Afdeling het college opgedragen om binnen zes weken na verzending van de tussenuitspraak de daarin omschreven gebreken in het besluit van 18 januari 2011 te herstellen. Deze tussenuitspraak is aangehecht.
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Epe verleende op 18 januari 2011 een vergunning voor het veranderen van een pluimveeslachterij. Tegen dit besluit werd beroep ingesteld door bewoners uit de omgeving. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State stelde in een tussenuitspraak vast dat het besluit strijdig was met de rechtszekerheid vanwege tegenstrijdige grenswaarden voor geluidhinder en onvoldoende motivering van hogere grenswaarden in de nachtperiode.
Het college werd opgedragen de gebreken binnen zes weken te herstellen. Bij besluit van 31 oktober 2012 wijzigde het college de vergunning door tegenstrijdige voorschriften te verwijderen en gewijzigde grenswaarden vast te stellen. Het college stelde dat de Wet geluidhinder van toepassing was omdat de inrichting binnen een geluidgezoneerd industrieterrein lag.
De Afdeling oordeelde dat het college terecht de Wet geluidhinder toepaste, omdat het industrieterrein Kweekweg volgens het raadsbesluit en een besluit van gedeputeerde staten duidelijk was begrensd en de inrichting binnen die zone lag. Het beroep tegen het oorspronkelijke besluit werd gegrond verklaard en het besluit vernietigd, behoudens de rechtsgevolgen van de voorschriften 4.1.1 en 4.2.1. Het beroep tegen het gewijzigde besluit werd ongegrond verklaard. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de appellanten.
Uitkomst: Het besluit van 18 januari 2011 wordt vernietigd wegens strijdigheid met rechtszekerheid, het gewijzigde besluit van 31 oktober 2012 wordt gehandhaafd.