Uitspraak
200307509/1staat het een bestuursorgaan niet vrij een termijn voor het indienen van zienswijzen te gunnen die de termijn van artikel 3:16, eerste lid, van de Awb overschrijdt, omdat dit in strijd is met het systeem van afdeling 3.4 van de Awb. De Afdeling ziet evenwel aanleiding om dit gebrek te passeren met toepassing van artikel 6:22 van Pro de Awb, zoals dit luidde ten tijde van belang. [appellant sub 2] heeft tijdig een zienswijze naar voren gebracht tegen het ontwerpplan, zodat niet aannemelijk is dat hij door deze handelwijze in zijn belangen is geschaad. Voorts is niet aannemelijk dat andere belanghebbenden door deze handelwijze in hun belangen zijn geschaad. Het betoog faalt.
201004489/1/R3. [appellant sub 2] voert voorts aan dat de raad in strijd heeft gehandeld met de gemeentelijke parkeernormen. Volgens [appellant sub 2] is de raad bij de berekening van het aantal parkeerplaatsen ten onrechte uitgegaan van het zogeheten nuttig oppervlak, terwijl in de parkeernormen wordt uitgegaan van het brutovloeroppervlak (hierna: BVO). Volgens hem is van belang dat, indien het BVO als uitgangspunt was gehanteerd, een hoger aantal parkeerplaatsen zou zijn berekend. Hij verwijst daarbij naar de notitie van het Bureau Amitec van 23 januari 2012. Voorts is volgens hem van belang dat in de planregels onduidelijk is welke gedeelten van het bedrijfsoppervlak in de berekening van het nuttig oppervlak moeten worden meegenomen. [appellant sub 2] voert verder aan dat de berekening van het aantal parkeerplaatsen ten onrechte ook is gebaseerd op inschattingen, omdat maatwerk volgens de raad noodzakelijk en wenselijk zou zijn, terwijl de gemeentelijke parkeernormen geen ruimte bieden om er van af te wijken.
201004489/1/R3, is van belang dat de raad bij de berekening van de parkeerbehoefte in die zaak het ingediende bouwplan als uitgangspunt had genomen, terwijl in dit geval is uitgegaan van de maximale mogelijkheden van het plan. Het aantal parkeerplaatsen dat voor het personeel is berekend is, gelet op het feit dat niet alle personeelsleden tegelijk werken en een deel van het personeel uit de direct omgeving per fiets zal reizen, niet onredelijk.