ECLI:NL:RVS:2013:BZ4938
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- R.J.R. Hazen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing tegemoetkoming planschade wegens voorzienbaarheid planologische wijziging
Het college van burgemeester en wethouders van Hof van Twente wees een aanvraag van appellante om tegemoetkoming in planschade af, omdat de planologische wijziging die tot waardevermindering van haar woning leidde, bij de aankoop voorzienbaar was. Na afwijzing van bezwaar en beroep bij de rechtbank, stelde appellante hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat de voorzienbaarheid van de planologische wijziging beoordeeld moet worden aan de hand van de vraag of een redelijk handelend koper ten tijde van aankoop rekening moest houden met een ongunstige wijziging. De Centrumvisie Goor uit 2001 en de aangepaste versie uit 2005 gaven duidelijk aan dat het terrein zou worden ontwikkeld voor woningbouw, winkelfuncties en een parkeergarage, hetgeen een nadelige planologische wijziging betekent.
De Afdeling verwierp het betoog van appellante dat het college onvoldoende had gemotiveerd waarom het afweek van het advies van de commissie voor de bezwaarschriften. Ook werd geoordeeld dat appellante de kans aanvaardde dat de planologische situatie ongunstig zou veranderen, ongeacht haar onderzoeksplicht. De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het bestreden vonnis, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van de tegemoetkoming in planschade bevestigd.