ECLI:NL:RVS:2013:BZ5218
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ongeloofwaardig asielrelaas
De minister heeft op 5 november 2011 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de minister hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State overweegt dat de voorzieningenrechter ten onrechte heeft aangenomen dat nader onderzoek naar een oproep voor militaire dienst de tegenstrijdige verklaringen van de vreemdeling zou kunnen verhelderen. De tegenstrijdigheden en vage verklaringen over het paspoort, de leeftijd bij ontvangst van de oproep en het medisch onderzoek zijn niet bestreden en vormen een deugdelijke grond voor ongeloofwaardigheid van het asielrelaas.
Verder heeft de voorzieningenrechter onvoldoende onderkend dat de vreemdeling ook vrees voor de PKK heeft geuit, wat een essentieel onderdeel van het asielrelaas vormt. De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt het vonnis van de voorzieningenrechter en verklaart het beroep van de vreemdeling alsnog ongegrond, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.