ECLI:NL:RVS:2013:BZ7464
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- Y.E.M.A. Timmerman-Buck
- D.J.C. van den Broek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging peilbesluit Etten-Leur/Breda ondanks bezwaar natuurbelangen
Het algemeen bestuur van waterschap Brabantse Delta stelde op 9 juni 2010 het peilbesluit 'Etten-Leur/Breda' vast. De Stichting Brabantse Milieufederatie stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Breda, dat ongegrond werd verklaard. De stichting ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De stichting voerde aan dat het peilbesluit onvoldoende rekening hield met natuurdoelstellingen, met name het herstel van natte natuurparels (NNP's) uiterlijk in 2015, en dat het peilbesluit het optimale grond- en oppervlaktewaterregime (OGOR) voor natuur niet als uitgangspunt nam. Het algemeen bestuur stelde dat het peilbesluit het gewenste grond- en oppervlaktewaterregime (GGOR) volgt, dat meerdere belangen afweegt.
De Raad van State oordeelde dat het peilbesluit een instrument is dat volgt op ontwikkelingen in het gebied en niet het enige middel is om natuurdoelen te bereiken. Het algemeen bestuur heeft beoordelingsvrijheid bij de belangenafweging en heeft deze deugdelijk gemotiveerd. Ook de motivering voor peilverlagingen in bepaalde gebieden is voldoende onderbouwd. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de Stichting Brabantse Milieufederatie wordt ongegrond verklaard en het peilbesluit bevestigd.