ECLI:NL:RVS:2013:BZ7496
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- K.J.M. Mortelmans
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit college over gedeeltelijke weigering budgetsubsidie aan Stichting Vrijwilligerswerk Rotterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam verleende de Stichting Vrijwilligerswerk Rotterdam een budgetsubsidie voor 2011, maar kondigde een afbouw van de subsidie aan met een korting van €50.000. De stichting maakte bezwaar tegen deze korting, dat door het college en vervolgens door de rechtbank werd afgewezen. De stichting stelde dat het college geen redelijke termijn had gehanteerd voor de afbouw en dat de kosten van ontslag van personeel vergoed hadden moeten worden.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de termijn voor de afbouw van de subsidie was aangevangen met de brief van 7 oktober 2010, waarin het college het voornemen tot korting bekendmaakte. Deze termijn werd als redelijk beoordeeld, mede omdat de stichting niet tijdig maatregelen had getroffen om het personeel te ontslaan. Ook de kosten van het ontslag werden niet vergoed omdat het college een redelijke termijn in acht had genomen.
Verder werd geoordeeld dat het college zorgvuldig had gehandeld door de stichting in de gelegenheid te stellen te reageren op het voornemen. Het hoger beroep van de stichting werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt het besluit tot gedeeltelijke weigering van de subsidie en wijst het hoger beroep van de stichting af.