ECLI:NL:RVS:2013:BZ7590
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag remigratievoorzieningen wegens ontbreken duurzaam verblijf in Nederland
Appellant diende een aanvraag in voor voorzieningen krachtens de Remigratiewet, welke door de Sociale Verzekeringsbank (SVB) werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of appellant onmiddellijk voorafgaand aan de aanvraag duurzaam in Nederland verbleef, zoals vereist op grond van artikel 5 van Pro het Uitvoeringsbesluit Remigratiewet. Appellant voerde aan dat hij niet zijn hoofdverblijf naar Turkije had verplaatst en dat de SVB onterecht gegevens uit een eerdere kinderbijslagaanvraag had betrokken bij de beoordeling.
De Raad van State oordeelde dat de SVB terecht mocht uitgaan van de door appellant zelf verstrekte gegevens over zijn verblijf in Turkije en Nederland, en dat er geen sprake was van détournement de pouvoir. Verder werd vastgesteld dat inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie geen doorslaggevende betekenis heeft voor het feitelijk hoofdverblijf. Gelet op de omstandigheden, waaronder het ontbreken van zelfstandige woonruimte in Nederland en het feit dat appellant pas na het besluit van 9 september 2011 naar woonruimte zocht, mocht de SVB concluderen dat appellant niet duurzaam in Nederland verbleef.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag remigratievoorzieningen bevestigd.