ECLI:NL:RVS:2013:BZ7675
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. van Kreveld
- M.P.J.M. van Grinsven
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder dwangsom voor onrechtmatig geplaatste brug in Westbroek
Het dagelijks bestuur van het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht legde aan appellant een last onder dwangsom op omdat hij een brug had geplaatst die afweek van de verleende keurontheffing. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant gegrond en vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand en gaf het bestuur de gelegenheid het motiveringsgebrek te herstellen.
In hoger beroep betoogde appellant onder meer dat de rechtbank zich ten onrechte niet gebonden had geacht aan een eerdere tussenuitspraak en dat handhavend optreden onevenredig was vanwege geringe gevolgen voor het waterbeheer. De Raad van State oordeelde dat het bestuur wel degelijk bevoegd was tot handhaving en dat het motiveringsgebrek door het bestuur kon worden hersteld. De vermeende geringe gevolgen en het ontbreken van handhaving tegen zwerfvuil rechtvaardigden geen afzien van handhaving.
Ook het beroep tegen de invordering van de dwangsommen werd ongegrond verklaard, omdat het belang van invordering zwaarwegend is en alternatieve voorstellen niet tot overeenstemming hadden geleid. De Raad van State bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot last onder dwangsom en de invordering van dwangsommen worden bevestigd.