ECLI:NL:RVS:2013:BZ7775
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verzoek tot verlening Nederlanderschap wegens ontbreken bewijs identiteit
Bij besluit van 14 juni 2011 wees de minister het verzoek van appellant om Nederlanderschap te verkrijgen af vanwege het ontbreken van gelegaliseerde geboorteakte en paspoort. Appellant maakte bezwaar en stelde dat zij in bewijsnood verkeert omdat zij geen geldig buitenlands reisdocument kan overleggen en dat zij vanwege haar situatie als lid van het Eritrean Liberation Front en het huidige landenbeleid voor Eritrea onder het asielbeleid zou moeten vallen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat zij via professionele derden in Eritrea pogingen had gedaan om de gevraagde documenten te verkrijgen. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dit oordeel en wijst het hoger beroep af. De Afdeling overweegt dat het beleid en de Handleiding voor de Rijkswet op het Nederlanderschap duidelijk eisen stellen aan het overleggen van documenten en dat bewijsnood alleen geldt indien aannemelijk wordt gemaakt dat het verkrijgen van documenten onmogelijk is.
De Afdeling stelt vast dat appellant houder is van een reguliere verblijfsvergunning en geen gelegaliseerde documenten heeft overgelegd. Het betoog dat zij vanwege haar situatie onder het asielbeleid zou moeten vallen, wordt niet gevolgd. De Afdeling ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en bevestigt de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 24 mei 2012.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om Nederlanderschap wordt bevestigd.