ECLI:NL:RVS:2013:BZ8382
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning asiel na hoger beroep
Bij besluiten van 2 mei 2012 heeft de minister de aanvragen van de vreemdelingen sub 1 om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen. De vreemdelingen stelden beroep in bij de rechtbank, die dit op 1 oktober 2012 ongegrond verklaarde. Tegen deze uitspraak werd hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overweegt dat alleen de vreemdelingen sub 1 belanghebbende zijn bij de besluiten, omdat de aanvraag persoonlijk is en niet kan worden toegerekend aan vreemdeling sub 2. Daarom wordt het hoger beroep van vreemdeling sub 2 niet-ontvankelijk verklaard. Het hoger beroep van vreemdelingen sub 1 wordt inhoudelijk beoordeeld, maar leidt niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank.
De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep van vreemdeling sub 2 niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep van vreemdeling sub 2 is niet-ontvankelijk verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.