ECLI:NL:RVS:2013:BZ9005
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- R. van der Spoel
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over in stand laten rechtsgevolgen afwijzing verblijfsvergunning asiel
De minister voor Immigratie en Asiel wees op 7 september 2011 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. De vreemdeling stelde dat hij niet vrijwillig, maar gedwongen terugkeerde naar Irak vanwege een met artikel 3 EVRM Pro strijdige behandeling in Griekenland.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte de rechtsgevolgen van het besluit in stand liet, omdat de vreemdeling zich door de situatie in Griekenland gedwongen voelde terug te keren naar Irak en deze terugkeer slechts kortstondig was. Dit strookt niet met een vrijwillige terugkeer.
De Raad van State vernietigde daarom het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de rechtsgevolgen in stand liet, bevestigde het overige en veroordeelde de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten. Hiermee werd het hoger beroep van de vreemdeling gegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand liet, wordt vernietigd.