ECLI:NL:RVS:2013:BZ9029

Raad van State

Datum uitspraak
26 april 2013
Publicatiedatum
22 juni 2013
Zaaknummer
201204431/1/V2
Instantie
Raad van State
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • E. Steendijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 66a Vreemdelingenwet 2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging uitspraak voorzieningenrechter over inreisverbod vreemdeling

Bij besluit van 23 maart 2012 heeft de minister een inreisverbod uitgevaardigd tegen de vreemdeling. De voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen dit besluit gegrond en vernietigde het inreisverbod. De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.

De Raad van State oordeelde dat de voorzieningenrechter ten onrechte had geoordeeld dat een inreisverbod slechts door middel van een zelfstandig besluit kan worden uitgevaardigd en niet gelijktijdig met een meeromvattende beschikking. Deze rechtsvraag was reeds eerder door de Afdeling beantwoord, waarbij de grief van de minister werd gehonoreerd.

De Raad van State verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

De uitspraak werd gedaan door een enkelvoudige kamer, waarbij mr. E. Steendijk als lid de uitspraak heeft gewezen in aanwezigheid van mr. R.M. Ahmady-Pikart als ambtenaar van staat.

Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling tegen het inreisverbod wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter wordt vernietigd.

Uitspraak

201204431/1/V2.
Datum uitspraak: 26 april 2013
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht op het hoger beroep van:
de minister voor Immigratie, Integratie en Asiel,
appellant,
tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage van 24 april 2012 in zaak nrs. 12/10018 en 12/10019 in het geding tussen:
[de vreemdeling]
en
de minister.
Procesverloop
Bij besluit van 23 maart 2012 heeft de minister, voor zover thans van belang, een inreisverbod tegen de vreemdeling uitgevaardigd. Dit besluit is aangehecht.
Bij uitspraak van 24 april 2012 heeft de voorzieningenrechter, voor zover thans van belang, het daartegen door de vreemdeling ingestelde beroep gegrond verklaard en dat besluit vernietigd. Deze uitspraak is aangehecht.
Tegen deze uitspraak heeft de minister, thans de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, hoger beroep ingesteld. Het hogerberoepschrift is aangehecht.
De vreemdeling heeft een verweerschrift ingediend.
De vreemdeling heeft nadere stukken ingediend.
Vervolgens is het onderzoek gesloten.
Overwegingen
1. Onder de staatssecretaris wordt tevens verstaan: diens rechtsvoorgangers.
2. De staatssecretaris klaagt in zijn enige grief dat de voorzieningenrechter ten onrechte heeft overwogen dat, gelet op het bepaalde in artikel 66a, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vreemdelingenwet 2000, een inreisverbod slechts door middel van een zelfstandig besluit kan worden uitgevaardigd en derhalve niet gelijktijdig met een meeromvattende beschikking.
2.1. De in deze grief opgeworpen rechtsvraag heeft de Afdeling eerder (bij uitspraak van 29 maart 2013 in zaak nr. 201202612/1/V2) beantwoord. Uit de overwegingen van die uitspraak volgt dat de grief slaagt.
3. Het hoger beroep is kennelijk gegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden vernietigd. Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, zal de Afdeling het beroep ongegrond verklaren.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
Recht doende in naam der Koningin:
I. verklaart het hoger beroep gegrond;
II. vernietigt de uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank 's-Gravenhage van 24 april 2012 in zaak nr. 12/10018;
III. verklaart het in die zaak ingestelde beroep ongegrond.
Aldus vastgesteld door mr. E. Steendijk, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. R.M. Ahmady-Pikart, ambtenaar van staat.
w.g. Steendijk w.g. Ahmady-Pikart
lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van staat
Uitgesproken in het openbaar op 26 april 2013
638.