ECLI:NL:RVS:2013:CA0606
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- G. van der Wiel
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling rechtsgevolgen bij afwijzing verblijfsvergunning asiel na overdracht aan Italië
De zaak betreft het hoger beroep van de minister tegen een uitspraak van de voorzieningenrechter die het besluit tot afwijzing van een verblijfsvergunning asiel voor een alleenstaande minderjarige vreemdeling vernietigde. De voorzieningenrechter oordeelde dat onvoldoende onderzoek was gedaan naar de situatie in Italië en de mogelijke schending van artikel 3 EVRM Pro bij overdracht.
De Raad van State overweegt dat de interim measures en het rapport van Hammarberg onvoldoende gemotiveerd zijn om te concluderen dat overdracht aan Italië een reëel risico op onmenselijke behandeling inhoudt. Wel erkent de Raad dat de vreemdeling als kwetsbare minderjarige moet worden beschouwd, maar stelt dat de staatssecretaris voldoende contact onderhoudt met Italiaanse autoriteiten om persoonlijke omstandigheden mee te wegen.
De Raad vernietigt de uitspraak van de voorzieningenrechter voor zover deze de staatssecretaris opdroeg een nieuw besluit te nemen en bepaalt dat de rechtsgevolgen van het oorspronkelijke besluit in stand blijven. Tevens veroordeelt de Raad de staatssecretaris tot vergoeding van proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: De rechtsgevolgen van het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning blijven in stand ondanks vernietiging van de uitspraak van de voorzieningenrechter.