ECLI:NL:RVS:2013:CA0609
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- D. Roemers
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vaststelling vergewisplicht bij uitzettingsbesluit vreemdeling met psychiatrische aandoening
De zaak betreft een hoger beroep van de staatssecretaris tegen een uitspraak van de rechtbank die het bezwaar van een vreemdeling tegen een uitzettingsbesluit gegrond verklaarde. De vreemdeling had verzocht om uitzetting achterwege te laten op grond van artikel 64 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 vanwege zijn psychiatrische toestand.
De rechtbank had geoordeeld dat de staatssecretaris onzorgvuldig had gehandeld door nadere medische informatie niet aan het Bureau Medische Advisering (BMA) voor te leggen en dat hij zich onvoldoende had vergewist van de mogelijkheid tot fysieke overdracht aan een psychiatrische instelling in Rusland. Ook was geoordeeld dat de staatssecretaris ten onrechte van het horen van de vreemdeling had afgezien.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de brief van de behandelend psychiater van 24 februari 2012 geen nieuwe medische informatie bevatte en dat het BMA-advies daarom volledig was. Tevens is vastgesteld dat de staatssecretaris aan zijn vergewisplicht heeft voldaan door toe te zeggen dat uitzetting pas zal plaatsvinden indien de fysieke overdracht geregeld is. Het afzien van het horen was gegrond. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het vonnis van de rechtbank vernietigd.