ECLI:NL:RVS:2013:CA0666
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.A. Hagen
- P.A. Koppen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak inzake vergoeding planschade en nadeelcompensatie bij project Fonteyne te Vlissingen
Het geschil betreft een verzoek van appellante om vergoeding van planschade en nadeelcompensatie in verband met het project Fonteyne in Vlissingen, waarbij onder meer een ondergrondse parkeergarage en nieuwbouw zijn gerealiseerd. Het college van burgemeester en wethouders wees het verzoek om planschade af, kende echter nadeelcompensatie en vergoeding voor deskundigenkosten toe. De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond en bepaalde een aanvullende vergoeding.
Appellante stelde onder meer dat het college zich onterecht baseerde op het advies van de SAOZ, dat niet onafhankelijk zou zijn, en dat sprake was van een planologische verslechtering door het vervallen van verkeersbestemmingen en parkeerplaatsen. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de SAOZ als onafhankelijke deskundige mag worden beschouwd en dat het college terecht geen planologische verslechtering aannam. Ook het beroep tegen de aftrek van 25% als normaal maatschappelijk risico faalde.
Verder werd geoordeeld dat het college de vergoeding van deskundigenkosten voldoende had gemotiveerd en dat de verkoop van het pand geen schadebeperkende maatregel was die tot een lagere vergoeding leidde. Het beroep tegen het besluit van 2 oktober 2012 werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.