ECLI:NL:RVS:2013:CA1293
Raad van State
- Hoger beroep
- A.B.M. Hent
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering over Italië
De vreemdeling diende op 7 december 2012 een asielaanvraag in Nederland in, maar deze werd afgewezen door de staatssecretaris op 17 december 2012. De vreemdeling had eerder een asielaanvraag in Italië gedaan, dat volgens de Dublin-verordening verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn verzoek. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond, maar de vreemdeling ging in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de staatssecretaris ten onrechte zonder nadere motivering uitging van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten aanzien van Italië, terwijl de asielprocedure aldaar mogelijk niet voldoet aan het Unierecht en overdracht strijdig kan zijn met artikel 3 EVRM Pro. De Afdeling vernietigde daarom de uitspraak van de voorzieningenrechter en het besluit van de staatssecretaris wegens strijd met artikel 3:46 Awb Pro.
Desondanks bepaalde de Afdeling dat de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand blijven, omdat er geen concrete aanwijzingen zijn dat de overdracht aan Italië leidt tot een schending van artikel 3 EVRM Pro. De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.