ECLI:NL:RVS:2013:CA1322
Raad van State
- Hoger beroep
- D. Roemers
- J. de Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag bewonersparkeervergunning ondanks psychische klachten
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag wees de aanvraag van appellant voor een bewonersparkeervergunning af omdat zij kan beschikken over een parkeerplaats in de parkeergarage van haar wooncomplex. Appellant maakte bezwaar en startte beroep bij de rechtbank, dat ongegrond werd verklaard. In hoger beroep bij de Raad van State voerde appellant aan dat de parkeergarage niet exclusief bestemd is voor bewoners en dat haar psychische klachten, waaronder angst bij parkeren, een vergunning op straat rechtvaardigen.
De Raad van State oordeelde dat de parkeergarage onderdeel is van het bouwcomplex en dient ter voldoening aan de bouwverordening, zodat appellant aanspraak heeft op een eigen parkeerplaats. Appellant heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij geen gebruik kan maken van de parkeergarage. De medische verklaringen, waaronder een bedrijfsartsverklaring, boden geen objectieve onderbouwing van een onmogelijkheid tot gebruik.
Verder concludeerde de Raad dat het college bij de besluitvorming voldoende feiten en belangen heeft betrokken en het evenredigheidsbeginsel niet is geschonden. Ook is geen inbreuk op het recht op privéleven volgens artikel 8 EVRM Pro vastgesteld. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de bewonersparkeervergunning bevestigd.