ECLI:NL:RVS:2013:CA2006
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- A.B.M. Hent
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vreemdeling krijgt vergoeding wegens onrechtmatige vreemdelingenbewaring
De vreemdeling werd op 11 maart 2013 in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en hief de bewaring op per 25 maart 2013, maar wees het verzoek om schadevergoeding af.
De vreemdeling stelde hoger beroep in tegen deze afwijzing en verzocht tevens om vergoeding van schade. De Raad van State oordeelde dat de maatregel van bewaring vanaf 19 maart 2013 onrechtmatig was, omdat toen het gehoor plaatsvond naar aanleiding van een opvolgende aanvraag verblijfsvergunning asiel, waarbij de homoseksuele gerichtheid van de vreemdeling een essentiële rol speelde.
De Raad van State vernietigde het deel van de uitspraak waarin het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en kende een vergoeding toe over de periode van 19 tot 25 maart 2013. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
Uitkomst: De vreemdeling krijgt een schadevergoeding van €480,00 wegens onrechtmatige vreemdelingenbewaring van 19 tot 25 maart 2013.